Van de stad naar Amerongen
Hoe meneer en mevrouw Van de Velde hun plek vonden in Elim
Na een leven in Den Haag wonen meneer en mevrouw Van de Velde sinds een half jaar in Elim. Het was even wennen, maar inmiddels hebben ze hun draai gevonden. “De zorg is hier heel goed,” vertelt mevrouw Van de Velde. “Dat kunnen we zelf niet meer, dus het is fijn dat het hier geregeld is.”
Hun dagen verlopen volgens een vast ritme: ’s ochtends krijgt mevrouw Van de Velde hulp bij het aankleden. Meneer kan dit nog zelf. Daarna eten ze samen het ontbijt dat ze zelf maken, dit is altijd een bakje muesli. Daarna drinken ze een kopje koffie en ruimen ze wat op. “We doen veel samen,” zegt meneer Van de Velde. “Ik kan helemaal niets zien, dus mijn vrouw leest de krant voor en vertelt mij de belangrijkste dingen.” Voor mevrouw Van de Velde geldt dat ze niet goed meer kan horen. En na twee beroertes gaat het allemaal niet zo snel meer. Ondanks deze uitdagingen vullen ze elkaar prachtig aan.
Contact met andere bewoners is er wel, maar niet zoveel. “Als je niet kunt zien, leer je geen mensen kennen,” legt meneer uit. Maar ze zijn dankbaar dat ze samen bij Elim kunnen wonen en genieten van gezamenlijke wandelingen naar de oranjerie. Als het weer het toelaat wandelen ze hier samen via de tuin naartoe. Soms lopen er nog andere mensen mee. Eenmaal in de oranjerie lezen ze aan de leestafel de krant.
Familie speelt een belangrijke rol voor meneer en mevrouw Van de Velde. Hun zoon Rob woont in Rhenen en komt regelmatig langs. Ook woont er nog een zoon met zijn gezin in Duitsland. “Familie is de reden dat we bij Elim gaan wonen,” zegt mevrouw Van de Velde. “Dicht bij de kinderen.”
Het echtpaar is al 68 jaar getrouwd. Hun liefde begon in de kerk, waar meneer haar voor het eerst zag. “Mijn vrouw zat met haar ouders beneden en ik zat boven met mijn vader. Vanaf daar keek ik zo naar haar. Het was liefde op het eerste gezicht,” glimlacht hij. Ze zijn nog steeds verbonden met de Christelijke Gereformeerde Kerk in Veenendaal. Op zondag luisteren of kijken ze mee met de kerkdienst. “Ik luister en mijn vrouw kan zien en luisteren.” Ook op die manier vullen ze elkaar prachtig aan. “Onlangs zijn de ouderling en diaken al eens geweest. En van de week heeft mijn vrouw nog bezoek gehad van de vrouwengroep. Op die manier blijven we, zelfs als we niet fysiek aanwezig kunnen zijn, onderdeel van de gemeente.”
Elim is geen Den Haag, maar het biedt wat nu het belangrijkst is: zorg, rust en nabijheid van familie. Voor meneer en mevrouw Van de Velde is dat genoeg.